Wat heb je nodig?
1 vel rood papier
1 vel oranje papier
1 vel donkerblauw papier
1 vel mat bakpapier van circa 20 bij 20 cm
1 schaar
1 liniaal
1 potlood
- Veiligheid
Een volwassene helpt met knippen. Kijk niet naar felle lichtbronnen en neem pauze bij vermoeide ogen; resultaten verschillen per persoon en verlichting.
- Stappenplan
1
Knip met hulp twee even grote stippen van 2 cm: één oranje en één donkerblauw. Leg eerst de oranje stip midden op het rode vel.
2
Houd het bakpapier vlak over het vel en kijk erdoorheen: kun je de stip nog zien?
3
Breng het bakpapier langzaam omhoog totdat de stip wazig wordt. Meet de afstand tot het rode vel en noteer die.
4
Leg de blauwe stip op precies dezelfde plaats en herhaal met hetzelfde bakpapier en dezelfde verlichting. Vergelijk de afstanden.
5
Houd het bakpapier op een afstand waarbij een stip nog net zichtbaar is. Kijk tien seconden naar een plek vlak naast de stip en beweeg dan je ogen; verandert de zichtbaarheid?
6
Herhaal de twee metingen om te zien of je ongeveer hetzelfde vindt. Bespreek welke kleur tegen rood gemakkelijker te onderscheiden was.
- Waarom werkt dit?
Mat papier verstrooit licht en vervaagt de randen van de stip. Een kleur die meer contrasteert met de achtergrond blijft vaak beter herkenbaar. Beweging van je ogen kan een bijna verdwenen vorm opnieuw doen opvallen.
Wat heb je nodig?
1 vel rood papier
1 vel oranje papier
1 vel donkerblauw papier
1 vel mat bakpapier van circa 20 bij 20 cm
1 schaar
1 liniaal
1 potlood
- Veiligheid
Een volwassene helpt met knippen. Kijk niet naar felle lichtbronnen en neem pauze bij vermoeide ogen; resultaten verschillen per persoon en verlichting.