Wat heb je nodig?
10 kaartjes met cijfers 0 tot en met 9
6 vellen A4-papier
1 potlood
2 spelers
- Veiligheid
Een volwassene begeleidt het spel. Gebruik nooit echte pincodes of wachtwoorden en deel geen persoonlijke gegevens; bewaar kleine kaartjes uit de buurt van peuters.
- Stappenplan
1
Schrijf de cijfers 0 tot en met 9 elk op een kaartje en leg de kaartjes omgekeerd.
2
Speler A trekt ongezien één kaartje; speler B raadt systematisch vanaf 0 en telt de pogingen totdat A ja zegt.
3
Herhaal vijf keer en schrijf elk aantal pogingen op.
4
Maak nu een geheime code van twee onafhankelijk getrokken kaartjes; leg elk kaartje terug voordat je het volgende trekt, zodat dubbele cijfers mogen.
5
Speler B probeert codes in vaste volgorde: 00, 01, 02 tot de juiste code gevonden is; tel de pogingen.
6
Vergelijk met de codes van één cijfer en bespreek waarom gokken op bekende patronen minder betrouwbaar is dan systematisch testen.
- Waarom werkt dit?
Met één cijfer zijn er tien mogelijkheden; met twee cijfers honderd. Een aanvaller die alle opties systematisch probeert kan daardoor meer pogingen nodig hebben. Dit spel gaat over kleine codes, niet over de veiligheid van echte wachtwoorden.
Wat heb je nodig?
10 kaartjes met cijfers 0 tot en met 9
6 vellen A4-papier
1 potlood
2 spelers
- Veiligheid
Een volwassene begeleidt het spel. Gebruik nooit echte pincodes of wachtwoorden en deel geen persoonlijke gegevens; bewaar kleine kaartjes uit de buurt van peuters.